Modelprotocol social media

Bron:

Verus
Bewerkt door:
Stichting ProCon , F.v.A.
Versie:
1.0
Datum:
17-5-2019
Vastgesteld door het Bestuur van Stichting ProCon
Functie:
T. Diepeveen Bestuurder
Vastgesteld door de GMR van Stichting ProCon

Modelprotocol social media
Inleiding
Social media zijn een verzamelbegrip voor online platformen waar de gebruikers, zonder of met minimale tussenkomst van een professionele redactie, de inhoud verzorgen. Onder de noemer social media worden onder andere weblogs of blogs, social bookmarking, videosites als YouTube, Vimeo, fora, op samenwerking gebaseerde projecten als Wikipedia, en sociale netwerken als Facebook en Google+ geschaard. Via deze media delen mensen verhalen, kennis en ervaringen. Dit doen zij door berichten te publiceren of door gebruik te maken van ingebouwde reactiemogelijkheden. Voorbeelden van dit laatste zijn weblogs, waar lezers reacties achterlaten door middel van een reactieformulier of trackbacks.
Er is discussie over de vraag of WhatsApp deel uitmaakt van het begrip social media.
Omdat blijkt dat ook in de klas door gebruikt gemaakt wordt van app groepen, is in dit protocol aandacht gegeven aan WhatsApp.
Social media bieden de mogelijkheid om te laten zien dat je trots bent op je school en kunnen een bijdrage leveren aan een positief imago van stichting ProCon. Van belang is te beseffen dat je met berichten op social media (onbewust) de goede naam van de school en betrokkenen ook kunt schaden. Om deze reden vragen wij om bewust met de social media om te gaan.
Essentieel is dat de onderwijsinstellingen en de gebruikers van social media tegenover alle betrokkenen de reguliere fatsoensnormen in acht blijven nemen en de nieuwe mogelijkheden met een positieve instelling benaderen.
Stichting ProCon vertrouwt erop dat haar medewerkers, leerlingen, ouders/verzorgers en andere betrokkenen verantwoord om zullen gaan met social media en heeft dit protocol opgezet om een ieder die bij één van de vijf ProCon scholen betrokken is of zich daarbij betrokken voelt daarvoor richtlijnen te geven.

Uitgangspunten
1. Stichting ProCon onderkent het belang van social media.
2. Dit protocol draagt bij aan een goed en veilig school- en onderwijsklimaat;
3. Dit protocol bevordert dat de instelling, medewerkers, leerlingen en ouders op de social
media communiceren in het verlengde van de missie en visie van de onderwijsinstelling en daarbij de reguliere fatsoensnormen in acht nemen.. In de regel betekent dit dat we respect voor de school en elkaar hebben, dat we verdraagzaam zijn en iedereen in zijn waarde laten;
4. De gebruikers van social media dienen rekening te houden met de goede naam van de school en van een ieder die betrokken is bij de school;
5. Het protocol dient ervoor om alle betrokkenen bij de onderwijsinstelling, te beschermen tegen de mogelijke negatieve gevolgen van de social media;

Doelgroep en reikwijdte
  1. Deze richtlijnen zijn bedoeld voor alle betrokkenen die deel uitmaken van de schoolgemeenschap, dat wil zeggen medewerkers, leerlingen, ouders/verzorgers en mensen die op een andere manier verbonden zijn aan één van de vijf ProCon scholen, of het stafbureau.
  2. De richtlijnen in dit protocol hebben alleen betrekking op berichten die gerelateerd zijn aan de school en/of stichting of wanneer er sprake is van een overlap tussen school, werk en privé.
Social media, de Algemene Verordening Gegevensbescherming (AVG) en de school
A. Voor alle gebruikers (medewerkers, leerlingen en ouders/verzorgers)
  1. Het is medewerkers en leerlingen niet toegestaan om tijdens de lessen actief te zijn op social media, tenzij door de schoolleiding respectievelijk leraren hiervoor vooraf toestemming is gegeven.
  2. Het is betrokkenen toegestaan om kennis en informatie over school en de leden van de schoolgemeenschap te delen, mits het geen persoonsgegevens1 betreft en andere betrokkenen niet schaadt.
  3. De betrokkene is persoonlijk verantwoordelijk voor de inhoud die hij2 publiceert op de social media.
  4. Elke betrokkene dient zich ervan bewust te zijn dat de gepubliceerde teksten en uitlatingen voor onbepaalde tijd openbaar zullen zijn, ook na verwijdering van het bericht.
  5. De onderwijsinstelling vraagt aantoonbaar schriftelijke toestemming aan medewerkers, ouders3 of aan leerlingen ouder dan 16 jaar om foto-, film- en geluidsopnamen van aan school gerelateerde situaties, waarop zij zijn afgebeeld, op de school- en/of persoonlijke social media te zetten.
  6. Het is medewerkers niet toegestaan om met een privéaccount ‘vrienden’ te worden van leerlingen en ouders op social media.
  7. Alle betrokkenen nemen de reguliere fatsoensnormen tegenover betrokkenen in de onderwijsinstelling in acht. Als fatsoensnormen worden overschreden (bijvoorbeeld: hacken van een account, pesten, kwetsen, stalken, bedreigen, radicalisering, seksistisch, zwartmaken of anderszins beschadigen) dan neemt de onderwijsinstelling passende maatregelen.
B. Voor medewerkers tijdens werksituaties
  1. Een medewerker kan een professionele groepsapp maken ten behoeve van leerlingen van de klas waaraan hij lesgeeft. Dit ten behoeve van het door hem doorgeven van bijzondere aangelegenheden zoals bij voorbeeld lesuitval, het opgeven van huiswerk, het herinneren aan de gymspullen, schoolreisje, schoolkamp. Het aanmaken van zo’n groep wordt altijd aan alle ouders gemeld. Die leerlingen die om welke reden dan ook geen deel uit kunnen maken van de groepsapp, worden door de medewerker via de mail op de hoogte gesteld.
  2. Medewerkers hebben een bijzondere verantwoordelijkheid bij het gebruik van social media: Privémeningen van medewerkers kunnen eenvoudig verward worden met de officiële standpunten van de onderwijsinstelling. Indien een medewerker deelneemt aan een discussie die (op enigerlei wijze) te maken heeft met stichting ProCon dient de medewerker te vermelden dat hij medewerker is van [naam school] en welke functie hij heeft.
Persoonsgegevens”: alle informatie over een geïdentificeerde of identificeerbare natuurlijke persoon („de betrokkene”); als identificeerbaar wordt beschouwd een natuurlijke persoon die direct of indirect kan worden geïdentificeerd, met name aan de hand van een identificator zoals een naam, een identificatienummer, locatiegegevens, een online identificator of van een of meer elementen die kenmerkend zijn voor de fysieke, fysiologische, genetische, psychische, economische, culturele of sociale identiteit van die natuurlijke persoon (artikel 4 AVG).
2 Voor de leesbaarheid is in de tekst de ‘hij’ vorm gebruikt. Waarin ‘hij’ of ‘zijn’’ staat, kan ook ‘zij’ of ‘haar’ worden gelezen.
3 Bij aanmelding via het ondertekende EHBO formulier en/of intakeformulier geven ouders aan akkoord te gaan met de
beschreven privacy-aanpak voor de gehele periode dat het kind bij ons op school zit. 4 Zie ook: sancties en gevolgen voor medewerkers en leerlingen.

3. Als online communicatie dreigt te ontsporen dient de medewerker direct contact   op te nemen met zijn leidinggevende om de te volgen strategie te bespreken.
4. Bij twijfel of een publicatie in strijd is met deze richtlijnen neemt de medewerker contact op met zijn leidinggevende.
C. Voor medewerkers tijdens privésituaties
1. Het is de medewerker toegestaan om school/werk gerelateerde onderwerpen te publiceren mits het geen persoonsgegevens van de school, haar medewerkers, leerlingen, ouders/verzorgers en andere betrokkenen betreft. Ook mag de publicatie de naam van de school niet schaden.
2. Het is voor medewerkers niet toegestaan standpunten en/of overtuigingen uit te dragen die in strijd zijn met de missie en visie van stichting ProCon, de scholen en de uitgangspunten van dit protocol.
3. Indien de medewerker deelneemt aan een discussie die (op enigerlei wijze) te maken heeft met de onderwijsinstelling dient hij te vermelden dat hij medewerker is van één van de vijf ProCon scholen.
4. Als de medewerker over stichting ProCon publiceert dient hij het bericht te voorzien de mededeling dat de standpunten en meningen in dit bericht de eigen persoonlijke mening zijn ( op persoonlijke titel zijn geschreven) en los staan van eventuele officiële standpunten van [naam onderwijsinstelling.
Sancties en gevolgen voor medewerkers en leerlingen
1. Medewerkers die in strijd handelen met dit protocol maken zich mogelijk schuldig aan plichtsverzuim. Alle correspondentie over dit onderwerp wordt opgenomen in het personeelsdossier.
2. Indien de bestuurder van stichting ProCon de wijze van communiceren door een medewerker(s) als ‘grensoverschrijdend’ kwalificeert, dan wordt dit telefonisch gemeld bij de Landelijke Vertrouwensinspecteur (0900 – 1113111).
3. Afhankelijk van de ernst van de uitlatingen, gedragingen en gevolgen worden naar medewerkers toe rechtspositionele maatregelen genomen die variëren van waarschuwing, schorsing, berisping, ontslag en ontslag op staande voet;
4. Leerlingen en / of ouders/verzorgers die in strijd met dit protocol handelen maken zich mogelijk schuldig aan verwijtbaar gedrag. Alle correspondentie omtrent dit onderwerp wordt opgenomen in het leerlingendossier.
5. Afhankelijk van de ernst van de uitlatingen, gedragingen en gevolgen worden naar leerlingen en / of ouders/verzorgers toe maatregelen genomen die onder meer kunnen bestaan uit een waarschuwing, schorsing en verwijdering van school.
6. Wanneer de uitlating van leerlingen en/of ouders/verzorgers en medewerkers mogelijk een strafrechtelijke overtreding inhoudt kan door stichting ProCon aangifte bij de politie worden gedaan.
 

Meest gezocht